{lang: 'nl'}

Francis Bacon (1909–1992) was een Engelse expressionistische kunstschilder. Hij maakte portretten van eenzame, wanhopige en depressieve personen, waarbij het gezicht of lichaam misvormd was om een betere indruk van hun psychische en emotionele gesteldheid te geven. Bacon portretteerde niet de buitenkant van de personen, maar de binnenkant. Zijn schilderijen hebben vaak een groteske, duistere en angstaanjagende uitstraling. Het werk van Bacon wordt vaak tot het expressionisme gerekend, maar er zijn ook raakvlakken met het surrealisme. Bacon zichzelf een ‘persoonlijk realist’ omdat hij zijn ervaringen en waarnemingen schilderde op zijn eigen manier en zoals hij zelf wilde.

Boetseren in verf: bijzondere schildertechniek

Francis Bacon gebruikte een bijzondere schildertechniek. Als hij aan een nieuw werk begon, smeet hij eerst verf op een onbewerkt linnen doek. Daarna ging hij pas kijken of hij iets in de klodders verf zag. En als dat het geval was, ging hij de verf pas verder uitwerken. Hierbij drukte hij de verf in de poriën van het linnen. Dit noemde hij ook wel ‘boetseren in verf’, maar eigenlijk kun je het ook als aquarellen in olieverf beschouwen. Hierbij bleven vaak ook grote delen van het vlak leeg. Een leegte die net zo belangrijk was als de figuren en vormen in de vlakverdeling.

Experimenteren en herhalen

Bij Bacon vormde compositie het belangrijkste onderdeel van het schilderij. En omdat het samenstellen van de compositie zo belangrijk was en veel oefening vergde, maakte Bacon vaak meerdere schilderijen over hetzelfde onderwerp. Net zolang totdat hij tevreden was. Bacon had een aantal thema’s en figuren die regelmatig terugkeerden in zijn schilderijen: de kruisiging, drieluiken, het portret van Velasquez, de zelfmoord van zijn geliefde George Dyer, schilderijen van Vincent Van Gogh, de menselijke mond, roofdieren en röntgenfoto’s.

De grote doorbraak

In 1944 maakte Bacon het schilderij dat hem in een klap wereldberoemd zou maken. Echter, Three Studies for Figures at the Base of A Crucifixion zoals het werk heette, was een voorstudie en niet eens een echt schilderij. Francis Bacon wilde namelijk een schilderij over de kruisiging maken en wilde de inspiratie voor een aantal agressieve wezens niet verliezen. Hij schilderde ze haastig op drie hardboard platen, die door kunstkoper Eric Hall in zijn atelier werden ontdekt. Hall kocht de impulsief geschilderde monsters te kopen en schonk deze aan het Britse Tate Gallery. Hier zorgde de voorstudie voor een sensatie.

Bacon: snel, los en energiek

De Three Studies bleken het begin van een eigen stijl te zijn en Francis Bacon had eindelijk zijn eigen artistieke identiteit gevonden. De combinatie van een snelle, losse en energieke schilderstijl met een angstaanjagende voorstelling, zou Bacons handelsmerk worden.